- analoge en digitale elektronica
- werken met componenten (weerstanden, diodes, transistors)
- schema’s lezen en ontwerpen
- metingen uitvoeren (multimeter, oscilloscoop)
- schakelingen bouwen en fouten opsporen
- kleine projecten maken (bv. versterkers, sensoren)
- netwerkmodellen (zoals het OSI-model)
- IP-adressen en subnetting
- routers en switches configureren
- netwerken opzetten, testen en problemen oplossen
- werken met Cisco Packet Tracer
- basis netwerkbeveiliging (firewalls, cybersecurity)
- programmeren in Java, Python of C#
- logisch denken en algoritmes toepassen
- objectgeoriënteerd programmeren (OOP)
- programma’s maken, testen en debuggen
- projecten bouwen (bv. spel of databankapp)
- programmeren van microcontrollers zoals Arduino
- werken met sensoren en actuatoren
- real-time systemen en automatisering
- hardware aansturen met code
- praktische projecten bouwen